Gevangen Verlangen

‘Gevangen Verlangen’ is aangekocht door PI Breda en geëxposeerd op de luchtplaats van PI Breda tijdens Breda Photo 2005. Expositie Gevangenismuseum Veenhuizen, 2007. Gepubliceerd in oa Justitie Magazine. Vele malen gepresenteerd in lezingen. Conform contract met Ministerie van Justitie zijn de portretten sinds 2008 niet meer gepubliceerd, om de vrouwen recht te geven op anonimiteit.

Bij ‘Gevangen Verlangen’ – 2005

In het fotoproject ‘Gevangen Verlangen’ verbindt Gerdien Wolthaus Paauw twee werelden: ‘het menselijk gelaat waarmee we ons aan de buitenwereld tonen en een foto van de innerlijke wereld: het diepste, zuivere verlangen’. Zij toont beide werelden in een zevental tweeluiken. Aan de ene zijde is telkens een portret van een gedetineerde vrouw te zien, de andere helft bestaat uit de door Wolthaus Paauw vastgelegde verbeelding van het diepste verlangen van de geportretteerde.

De relatie tussen buitenwereld (het gelaat) en binnenwereld (de verbeelding van het verlangen) is gecompliceerder dan het lijkt. Immers, het gelaat, dat deel van onszelf waarmee wij het meest direct contact leggen met de buitenwereld, laat wel degelijk iets zien van onze innerlijke belevingswereld. In dit geval betreft het portretten van vrouwen wier gezichten getekend zijn door hetgeen ze hebben meegemaakt. Desillusie, verdriet, spijt, pijn, verlangen maar ook vastberadenheid en hoop zijn van hun gezichten af te lezen. Terwijl de verbeelding van die innerlijke wereld er zonder voorkennis uitziet als een ‘onschuldige’ buitenwereld: een paard, een boomkruin tegen een helderblauwe hemel, een boot die de haven binnen vaart, een kokkin boven haar fornuis, een omhelzing. Paradoxaal genoeg is de buitenwereld van de geportretteerde vrouwen er een van nauwkeurig afgebakende grenzen: de vrouwengevangenis in Breda; een van de rest van de buitenwereld afgeschermde binnenwereld. En dat terwijl hun innerlijke wereld grenzeloos is, niet aan de fysieke beperkingen van een penitentiaire inrichting gebonden.

De twee delen van de foto’s worden door een scherpe lijn doorsneden. Een  onverbiddelijke scheidslijn tussen wensdroom en verlangen enerzijds en de harde, alledaagse realiteit anderzijds. Om dit onderscheid te onderstrepen heeft Wolthaus Paauw zich van verschillende camera’s bediend. De portretten zijn gemaakt op kleur-negatief, haarscherp, onontkoombaar. De verlangens daarentegen zijn vastgelegd met een ouderwetse polaroidcamera (’n SX70), wat de ertoe leidt dat de beelden enigszins onscherp blijven en de kleuren iets onwezelijks hebben, typerend voor de ‘onscherpte’ van een wensdroom.

De deelnemende vrouwen geven, door voor de camera te verschijnen en zich te laten portretteren, blijk van moed. Door zich letterlijk zo kwetsbaar op te stellen nemen ze het risico op herkenning en afwijzing. Zij tonen hun hoop door hun diepste wens te laten verbeelden door de fotograaf. Veel vrouwen verlangen naar een leven van ‘klein, basaal geluk’: veiligheid, een gezin, huiselijkheid. Gewoon gelukkig zijn. Als geen ander zijn zij ervan doordrongen hoe moeilijk dit te realiseren valt, als ze straks weer ‘buiten’ staan. Deze indringende portretten laten ook de kijker niet onberoerd. Deze schouwt een medemens in het gelaat. Zij is een mens als ik. Het project is daarmee een oproep tot humaniteit in een zich verhardende samenleving. Tegelijkertijd confronteren de tweeluiken de bezoeker met het eigen ‘Gevangen Verlangen’. Onherroepelijk dringt zich de vraag op hoeveel vrijheid je nodig hebt om het roer om te gooien en nieuwe keuzes te maken.

Tekst: Ingrid Luycks